Iran heeft Koerdische milities aangevallen die van plan waren de grens in het westen van het land over te steken. Dat zegt het Iraanse leger. Er zijn onder meer raketten neergekomen op een hoofdkwartier van de Koerdische troepen in buurland Irak.
Gisteren meldden Amerikaanse en Israëlische media dat Koerdische milities een grondoffensief waren begonnen in het noordwesten van Iran. Het zou gaan om duizenden Koerdische strijders. Iran valt nu milities aan in Irak, die het regime in Teheran 'separatistische groepen' noemt.
In het noordoosten van Irak zijn volgens de BBC verschillende Koerdische bases geraakt met ballistische raketten. Daarbij zouden zeker een dode en drie gewonden zijn gevallen.
De regering van de autonome Koerdische regio in het noorden van Irak ontkent intussen dat die betrokken is bij plannen voor de bewapening van Koerdische strijders om Iran aan te vallen, zegt een woordvoerder.
Sander van Hoorn, verslaggever in Qatar:
"In het noordwesten van Iran woont een Koerdische minderheid die eigenlijk een geheel vormt met de Koerden in het noordoosten van Irak, in het grensgebied van die twee landen. De VS wil dat het regime in Teheran valt, maar het wil geen Amerikaanse troepen in Iran. Dus moet het Iraanse volk dat zelf doen. Dat kan de Iraanse bevolking zijn, maar het kunnen ook Iraanse minderheden zijn.
Zo is de VS terechtgekomen bij de Koerden. Dat ligt ook voor de hand, want in Irak en Noord-Syrië hebben de Amerikanen al vaker met hen samengewerkt, en hebben ze Koerdische strijders ook al vaker bewapend.
Wat zou kunnen is dat die samenwerking er nu ook is in dat grensgebied tussen Irak en Iran. Een woordvoerder van het Witte Huis zegt alleen dat er gesprekken zijn geweest. Maar Iran zegt nu dus tegen Koerden aan de noordwestelijke grens te vechten en een kantoor van de koerden in Noordoost-Irak te hebben aangevallen. Dus dat front moeten we de komende tijd in de gaten houden."
Reuters meldt dat Koerdische milities de afgelopen dagen met de VS hebben overlegd over of en hoe ze het Iraanse leger zouden kunnen aanvallen in het westen van het land. Dat schrijft het persbureau op basis van bronnen "met kennis over dit onderwerp".
Verschillende Amerikaanse media melden dat inlichtingendienst CIA de Koerdische strijders in Irak al voor de huidige oorlog heeft bewapend als onderdeel van pogingen om Iran te destabiliseren.
In Iran zelf is ook een Koerdische oppositie actief, verenigd in de illegale Koerdische partij PJAK. De rol van die organisatie is nog onduidelijk. De ontwikkelingen worden op de voet gevolgd door Turkije, heeft het Turkse ministerie van Defensie laten weten. De PJAK heeft banden met de Koerdische PKK in Turkije. De regering in Ankara is bang dat de veiligheid en stabiliteit in de regio verder onder druk komen te staan.
Een woordvoerder van het Witte Huis zei woensdag dat berichten dat president Trump achter een plan zou staan voor een Koerdische opstand in Iran "compleet onwaar" zijn. Volgens nieuwssite Axios heeft Trump echter wel contact gehad met twee Koerdische leiders in Irak, met het doel Koerdische strijders de Iraanse grens over te sturen.
Het doel van die Koerdische aanval zou zijn om meer ruimte te geven aan Iraniërs om in opstand te komen tegen het regime in Teheran, na de dood van ayatollah Khamenei en te midden van de voortdurende Amerikaanse en Israëlische bombardementen.
Het is niet voor het eerst dat de Koerden in opstand komen in Iran. In het verleden kwamen Koerden zowel in opstand tegen de sjah als tegen de theocratie die er na de Islamitische Revolutie van 1979 op volgde. Het Iraanse leger verwoeste in maandenlange gevechten met Koerdische rebellen na die revolutie Koerdische steden en dorpen en doodde daarbij duizenden mensen.
Gülsah Ercetin, correspondent Turkije:
"Ankara heeft in het verleden altijd fel gereageerd op bewapening van de Koerdische milities. De regering ziet dat als een bedreiging van de Turkse veiligheid. Dat komt natuurlijk omdat Turkije de afgelopen 40 jaar een bloedige strijd heeft gevoerd met de Koerdische PKK. In die strijd zijn 40.000 mensen omgekomen, al lopen er nu in vredesonderhandelingen met de PKK.
Turkije heeft de afgelopen tijd vooral geprobeerd een diplomatieke rol op zich te nemen, maar diplomatie wordt steeds lastiger nu het conflict escaleert in de regio. Zo kwam er gisteren een projectiel neer op Turks grondgebied. De Turkse minister van Buitenlandse Zaken belde direct met zijn collega in Iran en de ambassadeur werd op het matje geroepen.
Tegelijk zeggen de Turken dat ze het recht hebben om te reageren op elke vorm van bedreiging. Inmiddels zegt Iran dat het de soevereiniteit van Turkije respecteert en ontkent het land ook dat het een raket op Turkije heeft afgevuurd.
Turkije houdt intussen rekening met alle mogelijke scenario's. Zo is er ook de vrees voor vluchtelingen, want ze delen een grens met Iran van zo'n 500 kilometer. Turkije heeft tijdens de oorlog in Syrië zo'n vier miljoen Syriërs opgevangen. Dat bracht een enorme druk op de samenleving met zich mee, vooral in de grenssteden. Turkije is bang dat zoiets opnieuw gaat gebeuren."